Intro grammatica

Grammatica

 

 

zinnen-knippen
Een zin kun je in stukken hakken/verdelen.
Je kunt vragen: WIE doet WAT WANNEER WAAR?
Wie: Hij
Wanneer: Om 11 uur.
Waar: Naar het station.
Een zinsdeel kan uit 1 woord bestaan (hij) of uit meerdere woorden (om 11 uur).

Theorie

Taaltrainer (niet gratis, Klare Taal online)
Overzicht grammatica – Nt2Taalmenu (B1-B2)
Online cursus grammatica – Dutch grammar (B1-B2)
Dutch Grammar (Nederlands vanuit Engels)

 

Visuele grammatica

visuele-grammatica

 

ZINSDELEN

Welke woorden horen bij elkaar in een zin?
Als je de juiste woordvolgorde wilt begrijpen, moet je de zin eerst in delen kunnen verdelen.
Knip de zinnen in stukken.

Oefeningen : Zinnen knippen

Taal-oefenen.nl  (groep 5, A2)
Taal-oefenen.nl (groep 6, A2)
Taal-oefenen.nl (groep 7, A2-B1)
Taal-oefenen.nl (groep 8, A2-B1)
Computermeester
Beter ontleden  (aanvinken: zinsdelen) 2 weken gratis


Een zin bestaat ook uit woorden die bij een bepaalde soort horen:
werkwoorden, adjectieven, lidwoorden….
Met die woorden gebeurt vaak iets in een zin.
Lopen verandert in loop bij ik, in loopt bij jij en hij/zij.

Oefeningen woordsoorten

Taal-oefenen.nl (groep 7, A2-B1)
Juf Melis
Nederlandswebsite
Meester Michael

 

Grammaticatrainervoortoets – hoort bij de online methode Grammaticatrainer, hier 87 opgaven gratis

 

Ga naar Zinsbouw
Ga naar Woordsoorten

Comments are closed.